Niels Willems
 

Competitie is prima. Normeren van hoe het spel gewonnen moet worden niet

We zijn dol op lijstjes. De beste scholen, de beste internetwinkels, de beste bedrijven in duurzaamheid, ze moeten allemaal in volgorde worden gezet aan de hand van objectieven standaarden en normen. Dat was allemaal zo erg niet, ware het niet dat het nog serieus genomen wordt ook. Denken in eendimensionale afrekenbaarheid doodt echter creativiteit en innovatie, want het werkt aanpassing en eenheidsworst in de hand.

Begrijp me goed, ik ben vóór competitie. Laat iedereen vooral z’n best doen beter te zijn dan de anderen, want winnen hoort bij het spel. Maar de ultieme meetlat moet niet zijn dat je het spel wint, maar dat je het spel speelt waarin jij gelooft. Dat je het spel speelt zoals jij bènt.

Vergelijk het met de voetbalcompetitie. Natuurlijk is daar geen bal aan als het er niet om zou gaan wie uiteindelijk bovenaan het lijstje komt te staan. Maar het voetbalspel is interessant en gaat als sport ook nog steeds vooruit, omdat het een clash tussen speelstijlen is.
Want stel je voor dat alle profclubs één en het zelfde spelletje zouden willen spelen, bijvoorbeeld allemaal zoals ze dat bij PSV doen; en dat dat dan volledig geprotocolleerd wordt om zeker te stellen dat elke club ook echt wel traint en speelt zoals het moet. Dan wordt het voetbalspel toch doods!? En de fans zouden afhaken. Want wat maakt iemand tot fan? Dat is dat ze in de spelopvatting de ziel van de club terug zien waar ze zich zielsverbonden mee voelen.
Kijk naar Feyenoord: verliezen doet nog steeds hartstikke pijn, maar als de jongens in het veld met opgestropen mouwen er vol voor gaan, krijgen ze het legioen toch nog op de banken. En zo hoort het. Zolang Feyenoord wereldkampioen Feyenoord-zijn is, is er in wezen niets aan de hand.

Terug naar het bedrijfsleven. Leiders van bedrijven moeten vooral het oog houden op de competitie. En ervan balen als ze niet winnen. Maar als de competitie betekent dat er informele of formele druk komt om te tornen aan het wezenlijke van de organisatie, dan moeten alle alarmbellen af gaan. Iedere leider moet ultimo gericht zijn op het monopolist zijn van de categorie in de markt die het bedrijf in kwestie ìs.


Ga terug